Vertaling van offer van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

offer

': bieden, aanbieding, aanbod, bod, offerte
Transcriptie: [ˈɒfə]   US     UK 

Woordenboekartikel

verb

  1. bieden (give, deliver)
  2. aanbieden
  3. heeft (have)
  4. geven (give)
  5. bevatten (have)
  6. schenken (give)
  7. voorstellen (propose)
  8. presenteren (reveal)
  9. offeren
  10. ten offer brengen

noun

  1. aanbieding f (bid)
  2. aanbod n (supply)
  3. offerte f (bid)
  4. aangeboden
  5. voorzien (have)
  6. hebben (be)
  7. serveren (serve)
  8. voorstel n (bid)
  9. verstrekt (provide)
  10. bod