Vertaling van out van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

out

': uit, buiten, eruit, weg, af
Transcriptie: [aʊt]

Woordenboekartikel

adverb

  1. uit (outside)
  2. buiten
  3. vanuit
  4. zonder
  5. eruit
  6. weg
  7. af
  8. daarbuiten
  9. erbuiten
  10. uiterlijk

preposition

  1. van
  2. op
  3. naar
  4. in
  5. ter
  6. met
  7. vanaf
  8. langs

noun

  1. uitstappen (get out)
  2. uitweg
  3. uitstapje
  4. extra grote maat
  5. gewezen politicus

verb

  1. eruit gooien
  2. eruit zetten
  3. uit de weg ruimen
  4. uitstapje maken

adjective

  1. in staking

Voorbeelden

quite warm out

— behoorlijk warm buiten

the money is out

— het geld is op

jazz is out

— jazz is uit de mode

pour out

— uitgieten

before the week is out

— voor het einde van de week

go out

— uitgaan

find out

— te weten komen

look out

— uitkijken

run out

— opraken

figure out

— uitzoeken

turn out

— blijken te zijn

get out

— eruit gaan

break out

— uitbreken

put out

— uitdoen

check out

— uitchecken