Vertaling van ownership van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

ownership

': eigendom, bezit, eigendomsrecht
Transcriptie: [ˈəʊnəʃɪp]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. eigendom n (property)
  2. eigendomsrecht n (property)
  3. bezit n (property)
  4. eigenaar m (owner)
  5. eigenaarschap n
  6. bezitten (possession)