Vertaling van pack van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

pack

': pak, pakken, verpakken, inpakken, bepakking
Transcriptie: [pæk]

Woordenboekartikel

noun

  1. Pack n
  2. verpakking f (carton)
  3. servicepack n (kit, packet, service pack)
  4. pakket n
  5. pakje n
  6. verpakt (wrap)
  7. bundel m (batch)
  8. zakje n (packet)
  9. stapel m (wad)
  10. pak

verb

  1. pakken (pick)
  2. inpakken (wrap)
  3. meenemen (pick)
  4. verpakken
  5. bepakken
  6. beladen
  7. zich samenpakken
  8. samenscholen

adjective

  1. verpakkings-
  2. inpak-

Voorbeelden

zelfstandig naamwoord of sets


a pack of wolves

— een roedel wolven

a pack of cards

— een spel kaarten

a pack of cigarettes

— een pakje sigaretten

pack ice

— pakijs

starter pack

— startpakket

welcome pack

— welkomstpakket

first aid pack

— verbandtrommel

supply pack

— voorraadpakket

werkwoord of handeling


pack your bags

— je koffers pakken

pack a suitcase

— een koffer inpakken

pack one's things

— je spullen pakken

pack a lunch

— een lunch inpakken

pack groceries

— boodschappen inpakken

pack the goods

— de goederen verpakken

phrasal verbs of vaste combinaties


pack up

— inpakken

pack in

— stoppen

pack away

— opbergen

pack out

— uitdragen

pack into

— proppen in

idiomen of uitdrukkingen


pack a punch

— een klap uitdelen

pack heat

— een wapen dragen

pack rat

— verzamelaar

pack it in

— het opgeven