Vertaling van pain van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
pain
Transcriptie: [peɪn]
Woordenboekartikel
noun
- pijn f (discomfort)
- leed n (suffering)
- verdriet n (distress)
- pijnlijk (hurt)
- ellende f (distress)
- smart
- lijden
- zeer
- straf
- wee
verb
- pijn veroorzaken
- pijn doen
- bedroeven
- pijnigen
- leed doen
Voorbeelden
fysieke pijn
chest pain
— pijn op de borstabdominal pain
— buikpijn; pijn in de buikholteback pain
— rugpijnjoint pain
— gewrichtspijn; pijn in de gewrichtensharp pain
— scherpe pijndull pain
— dove pijnchronic pain
— chronische pijnacute pain
— acute pijnthrobbing pain
— kloppende pijnstabbing pain
— stekende pijnburning pain
— brandende pijnradiating pain
— uitstralende pijnpain relief
— pijnverlichtingpainkiller
— pijnstilleremotionele pijn; zielepijn
emotional pain
— emotionele pijn; zielenpijnpain of loss
— pijn van het verlies; verdrietsilent pain
— stille pijn; verborgen pijnthe pain inside
— de pijn van binnen; innerlijk lijdenfeel someone else’s pain
— meeleven; de pijn van een ander voelenidiomen of vaste uitdrukkingen
pain in the neck
— zeurende pijn; lastpostno pain no gain
— geen pijn, geen winst; zonder moeite geen resultaattake pains
— moette doen; zijn best doenin pain
— in pijn; pijn hebbendsave someone the pain
— iemand de moeite besparen; iemand het ongemak besparenwerkwoorden met pijn
to ease the pain
— de pijn verlichtento relieve pain
— pijn verlichten; pijn stillento suffer pain
— pijn lijdento cause pain
— pijn veroorzakento feel pain
— pijn voelento bear the pain
— de pijn verdragenbeschrijvingen of kenmerken van pijn
mild pain
— lichte pijnsevere pain
— ernstige pijn; hevige pijnintermittent pain
— intermitterende pijn; wisselende pijnconstant pain
— constante pijnunbearable pain
— ondraaglijke pijnmanageable pain
— beheersbare pijn; draaglijke pijn