Vertaling van pair van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

pair

': paar-, paar, paren, tweetal, koppel
Transcriptie: [peə]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. paar (couple)
  2. koppel n
  3. tweetal (couple)
  4. paren (mate)
  5. pair n
  6. stel
  7. duo

verb

  1. koppelen (connect)
  2. een paar vormen
  3. paarsgewijze rangschikken
  4. verenigen

adjective

  1. paar-
  2. gepaarde
  3. dubbel-