Vertaling van part van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

part

': deel, onderdeel, scheiden, gedeelte, part
Transcriptie: [pɑːt]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. deel n (portion, component, area)
  2. onderdeel n
  3. gedeelte n
  4. rol f (role)
  5. stuk n (portion, piece)
  6. partij f (side)
  7. scheiden (divide)
  8. component m
  9. uitmaken (involve)
  10. gedeeltelijk (partly)

verb

  1. uiteengaan
  2. verdelen
  3. uit elkaar gaan
  4. afscheiden
  5. schiften
  6. indelen
  7. afbreken
  8. doorbreken
  9. breken