Vertaling van pathogen van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
pathogen
Woordenboekartikel
noun
- ziekteverwekker m (pathogenic agent)
- pathogeen n
- pathogene
- ziektekiem m (germ)
- verwekker m (causative agent)
Voorbeelden
klinische, medische
pathogen load
— pathogeenbelasting; pathogene belastinghuman pathogen
— humaan pathogeen; pathogen bij de mensopportunistic pathogen
— opportunistisch pathogeen; opportunistische ziekteverwekkerzoonotic pathogen
— zoönotisch pathogeenonderzoek, laboratorium
pathogen-associated molecular patterns
— pathogeen-geassocieerde moleculaire patronen; met pathogenen geassocieerde moleculaire patronenpathogen genome sequencing
— pathogeen-genoomsequencing; sequensen van het pathogeen-genoomisolation of the pathogen
— isolatie van het pathogeen; isoleren van de ziekteverwekkeroverdracht, epidemiologie
pathogen transmission
— pathogeenoverdracht; verspreiding van pathogenenpathogen reservoir
— pathogeenreservoir; reservoir van infectiepathogen spillover
— pathogeenoversprong; overdracht van pathogen naar nieuwe soortpathogen surveillance
— pathogeensurveillance; epidemiologische surveillance van ziekteverwekkerscontrole, preventie
pathogen eradication
— pathogeneradicatie; uitroeien van pathogenenpathogen control measures
— pathogeenbestrijdingsmaatregelen; maatregelen ter bestrijding van ziekteverwekkerspathogen free colony
— pathogeenvrije kolonie; populatie zonder pathogenenidentificatie, diagnostiek
pathogen detection
— pathogendetectie; opsporing van pathogenenpathogen-specific antibody
— pathogeen-specifiek antilichaam; antilichaam gericht tegen de ziekteverwekkerrapid pathogen test
— snelle pathogeentest; sneltest voor pathogenenecologisch, landbouwkundig
plant pathogen
— plantpathogeen; fytopathogeensoil-borne pathogen
— bodemgebonden pathogeen; door de bodem overgedragen pathogeenwaterborne pathogen
— watergebonden pathogeen; door water overgedragen pathogeenevolutie, genetica
pathogen evolution
— pathogeenevolutie; evolutie van de ziekteverwekkeremerging pathogen
— opkomend pathogeen; nieuw opduikend pathogeenantimicrobial-resistant pathogen
— antimicrobieel-resistent pathogeen; tegen antimicrobiële middelen resistente ziekteverwekkerinteractie met immuniteit, pathogenese
pathogen virulence
— pathogeenvirulentie; virulentie van de ziekteverwekkerpathogen-host interaction
— pathogeen-gastheerinteractie; interactie tussen ziekteverwekker en gastheerpathogen-induced inflammation
— door pathogeen geïnduceerde ontsteking; ontstekingsreactie veroorzaakt door de ziekteverwekker