Vertaling van play van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
play
Transcriptie: [pleɪ]
Woordenboekartikel
verb
- spelen (perform, playback)
- bespelen
- afspelen
- afgespeeld (playback)
- speelbaar
- speel m
- spelletje n
- beluisteren (hear)
- laten spelen
- uitspelen
noun
- spel n (game)
- game m
- Play m
- weergave f (playback)
- vervullen (perform)
- partijtje n
- toneelstuk
- speling
- speelruimte
- manier van spelen
Voorbeelden
een instrument bespelen
play the piano
— piano spelenplay the guitar
— gitaar spelenplay the violin
— viool spelenplay an instrument
— een instrument bespelensport, spelletjes en amusement
play football
— voetballenplay chess
— schakenplay cards
— kaartenplay video games
— computerspelletjes spelenplay a game
— een spel spelentheater, film of optreden
play a role
— een rol spelenplay the lead
— de hoofdrol spelen; de hoofdrol vertolkenplay on stage
— op het podium optredenplay a character
— een personage spelengedrag, voorwenden of tactiek
play along
— meespelen; doen alsof je het ermee eens bentplay hard to get
— doen alsof je niet geïnteresseerd bentplay it cool
— koel blijven; rustig blijvenplay dirty
— oneerlijk spelen; vuile trucjes gebruikenplay for time
— tijd rekken; tijd winnengeluid, opname of weergave
play back
— afspelen; een opname afspelenplay a recording
— een opname afspelenplay on the radio
— op de radio klinken; op de radio worden uitgezondenkinderlijk spel, identificatiespelletjes
play with
— spelen met; prutsen aanplay house
— huisje spelenplay pretend
— doen alsofphrasal verbs, interactie en manipulatie
play down
— bagatelliseren; kleinerenplay up
— benadrukken; versterken; haperen (van apparatuur)play off
— tegen elkaar uitspelen; play-offs organiserenplay on
— inspelen op (iemands) emoties; gebruikmaken vanrollen, relaties of sociale situaties
play second fiddle
— de tweede viool spelen; een ondergeschikte rol spelenplay by the rules
— volgens de regels handelen; de regels volgenplay with fire
— met vuur spelen; risico nemen