Vertaling van present van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

present

': presenteren, aanwezig, voorleggen, voorstellen, present
Transcriptie: [preznt]

Woordenboekartikel

noun

  1. aanwezig (attend)
  2. cadeau n (gifts)
  3. geschenk n (gifts)
  4. hedendaags (modern)
  5. heden n (nowadays)
  6. moment n
  7. momenteel (currently)
  8. bevatten (include)
  9. bestaand (current)
  10. het heden

verb

  1. presenteren (represent)
  2. voorstellen (represent)
  3. geven (give)
  4. bieden (include)
  5. presentatie f (presentation)
  6. stellen (set)
  7. toont (show)
  8. brengen (make)
  9. vormen (be)
  10. voorleggen

adjective

  1. present
  2. tegenwoordig
  3. onderhavig
  4. actueel
  5. aanwezend
  6. in kwestie

Voorbeelden

zelfstandig naamwoord, geschenk


birthday present

— verjaardagscadeau

christmas present

— kerstcadeau

wedding present

— huwelijkscadeau

a small present

— een klein cadeautje

present box

— cadeaudoos

secret santa present

— cadeau van de geheime kerstman

bijvoeglijk naamwoord, huidig of aanwezig


at present

— op dit moment

present moment

— huidige moment

present condition

— huidige toestand

present situation

— huidige situatie

present company

— aanwezige gezelschap

present at the meeting

— aanwezig bij de vergadering

werkwoord, presenteren of overhandigen


to present a report

— een rapport presenteren

present evidence

— bewijs leveren

present someone with a gift

— iemand een cadeau geven

present your ID

— je identiteitsbewijs tonen

present findings

— bevindingen presenteren

present a case

— een zaak bepleiten

grammaticale termen, tijden


present tense

— tegenwoordige tijd

present continuous

— tegenwoordige duurtijd

present perfect

— voltooid tegenwoordige tijd

present perfect continuous

— voltooid tegenwoordige duurtijd

present participle

— tegenwoordig deelwoord