Vertaling van profess van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

profess

': belijden, beweren, betuigen, beoefenen, erkennen
Transcriptie: [prəˈfes]

Woordenboekartikel

verb

  1. belijden (confess)
  2. beweren (claim)
  3. bekennen (confess)
  4. betuigen
  5. beoefenen
  6. erkennen
  7. verklaren
  8. doceren
  9. biechten
  10. de kloostergelofte afleggen

Voorbeelden

belijden; erkennen


to profess love

— liefde belijden

to profess ignorance

— onwetendheid voorwenden

to profess belief

— een overtuiging aanhangen

to profess oneself innocent

— zich onschuldig verklaren

to profess to be

— beweren te zijn

geloof belijden; een overtuiging aanhangen


to profess faith

— geloof belijden

to profess Christianity

— het christendom belijden

to profess atheism

— het atheïsme belijden

to profess liberalism

— het liberalisme aanhangen

beroepsmatig uitoefenen; doceren


to profess medicine

— geneeskunde beoefenen

to profess law

— rechten beoefenen

to profess at a university

— aan een universiteit doceren