Vertaling van promise van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

promise

': belofte, beloven, toezegging, toezeggen, uitloven
Transcriptie: [ˈprɒmɪs]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. belofte f (commitment)
  2. beloofd
  3. veelbelovend
  4. vooruitzicht n (prospect)
  5. toezegging

verb

  1. beloven
  2. belooft (vow, pledge)
  3. beloof
  4. toezeggen
  5. uitloven
  6. zijn woord geven