Vertaling van radio- van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

radio-

': radio-, radio, radiotelefonie, via de radio uitzenden, radiotelegram
Transcriptie: [ˈreɪdɪəʊ]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. radio m (radio communications)
  2. radiocommunicatie f
  3. radiotelefonie
  4. radiotelegram

adjective

  1. radio-

verb

  1. via de radio uitzenden
  2. draadloos telegraferen
  3. via de radio seinen
  4. met radium behandelen