Vertaling van rail van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

rail

': rail, spoorstaaf, reling, leuning, sporen
Transcriptie: [reɪl]

Woordenboekartikel

noun

  1. rail f (railway)
  2. reling m (guardrail)
  3. spoor n (railway)
  4. trein m (train, railway)
  5. spoorlijn n
  6. snelheidstrein m
  7. spoorweg m (railway)
  8. spoorstaaf
  9. leuning
  10. hek

verb

  1. sporen
  2. schelden
  3. uitvaren
  4. schimpen
  5. lasteren
  6. smalen
  7. omrasteren
  8. per spoor verzenden
  9. met het spoor reizen

Voorbeelden

spoorwegen en spoorinfrastructuur


rail line

— spoorlijn

rail network

— spoornetwerk

rail transport

— spoorwegvervoer

rail freight

— goederenvervoer per spoor

rail services

— spoorwegdiensten

rail operator

— spoorwegvervoerder

rail yard

— rangeerterrein

rail station

— treinstation

rail bridge

— spoorbrug

rails, leuningen en relingen


rail

— rail

hand rail

— leuning

handrail

— handrail

guard rail

— vangrail

top rail

— bovenregel

bottom rail

— onderregel

foot rail

— voetsteun

railings

— reling

idiomatische uitdrukkingen en reacties


to rail against

— tekeergaan tegen

to rail at

— uitvaren tegen

off the rails

— ontspoord

on the rails

— op het goede spoor

railroad into

— opdringen

spoorterminologie en -maten


rail gauge

— spoorwijdte

rail sleeper

— dwarsligger

rail tie

— dwarsligger

rail head

— spoorkop

rail profile

— railprofiel

rollend materieel en lijntypen


rail car

— spoorwagen

rail coach

— passagiersrijtuig

rail ferry

— spoorpont

light rail

— lightrail

heavy rail

— zwaar spoor