Vertaling van repel van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

repel

': afstoten, afweren, afslaan, weerstaan, terugdrijven
Transcriptie: [rɪˈpel]

Woordenboekartikel

verb

  1. afweren
  2. afstoten (repulse)
  3. weren
  4. verdrijven
  5. verjagen
  6. afslaan
  7. weerstaan
  8. terugdrijven
  9. afwenden
  10. terugwerpen

Voorbeelden

afweer, bescherming tegen een aanval


repel an attack

— een aanval afslaan

repel enemy forces

— vijandelijke troepen terugdrijven

repel an invasion

— een invasie afslaan

repel a charge

— een charge afslaan

verjaging of bescherming tegen insecten en dieren


repel mosquitoes

— muggen weren

repel insects

— insecten weren

repel predators

— roofdieren weren

repel pests

— ongedierte weren

afstoting, walging of afkeer opwekken


repel someone

— iemand afstoten

repel advances

— avances afwijzen

repel the public

— het publiek afstoten

fysische eigenschappen, weerstand tegen stoffen of vuil


repel water

— water afstoten

repel oil

— olie afstoten

repel stains

— vlekken weren

repel dirt

— vuil afstoten

elektriciteit, magnetisme, interactie van deeltjes


repel each other

— elkaar afstoten

like charges repel

— gelijke ladingen stoten elkaar af

hygiëne, bescherming tegen microben en bacteriën


repel germs

— kiemen weren

repel bacteria

— bacteriën weren