Vertaling van residence van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

residence

': verblijf, residentie, woonplaats, verblijfplaats, woning
Transcriptie: [ˈrezɪdəns]

Woordenboekartikel

noun

  1. residentie f (residency)
  2. verblijf n (accommodation)
  3. Woonplaats f (abode)
  4. woning f (abode)
  5. verblijfplaats f (abode)
  6. onderkomen n (abode)
  7. verblijfsvergunning f (permit)
  8. woonhuis n (mansion)
  9. herenhuis n (mansion)
  10. appartementencomplex n (apartment complex)

Voorbeelden

woonruimte of verblijfplaats


place of residence

— woonplaats

permanent residence

— vaste woonplaats; permanente verblijfplaats

temporary residence

— tijdelijke verblijfplaats; tijdelijk verblijf

primary residence

— hoofdverblijfplaats

secondary residence

— tweede verblijfplaats; extra verblijfplaats

residence address

— adres van de verblijfplaats; woonadres

place of habitual residence

— plaats van gewoon verblijf; gebruikelijke woonplaats

juridische status of verblijfsvergunning


residence permit

— verblijfsvergunning

temporary residence permit

— tijdelijke verblijfsvergunning

permanent resident status

— status van permanent verblijfsgerechtigde

right of residence

— recht op verblijf

residence registration

— inschrijving op het woonadres; registratie van verblijfplaats

proof of residence

— bewijs van woonadres; bewijsstukken van verblijfplaats

residence card

— verblijfskaart; identiteitskaart voor ingezetenen

officiële residentie, buitenverblijf of ambtswoning


official residence

— ambtswoning

presidential residence

— presidentiële residentie

embassy residence

— ambtswoning van de ambassade; residentie van de ambassadeur

summer residence

— zomerresidentie

country residence

— buitenverblijf; landgoed

state residence

— staatsresidentie

verblijf in instellingen of speciale huisvesting


student residence

— studentenhuis; studentenwoning

nursing home residence

— verblijf in een verzorgingstehuis; opvang in een verpleeghuis

assisted living residence

— woonzorgcentrum; instelling voor begeleid wonen

residential care residence

— zorginstelling voor bewoners; verpleeghuis

fiscale en administratieve begrippen


tax residence

— belastingwoonplaats; fiscale woonplaats

residence for tax purposes

— woonplaats voor belastingdoeleinden; fiscale woonplaats

residence requirement

— woonplaatsvereiste; vereiste van verblijfplaats

length of residence

— duur van het verblijf; verblijfsduur