Vertaling van rival van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

rival

': concurreren, wedijveren met, concurrent, mededinger, concurrerend
Transcriptie: [ˈraɪvəl]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. concurrent m
  2. concurrerend (competitor)
  3. rivaal m (opponent, competitor)
  4. rivaliserend
  5. tegenstander m (opponent)
  6. mededinger
  7. medeminnaar

verb

  1. concurreren
  2. wedijveren (competitor)
  3. evenaren
  4. wedijveren met
  5. meedingen

adjective

  1. mededingend
  2. wedijverend