Vertaling van rubber van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

rubber

': rubber, rubberen, gummi, robber, elastisch
Transcriptie: [ˈrʌbə]

Woordenboekartikel

noun

  1. rubber n (gum)
  2. rubberen
  3. gum m (eraser)
  4. gummi
  5. robber
  6. wrijver
  7. gummiband
  8. badhanddoek
  9. polijster
  10. wrijflap

adjective

  1. elastisch

Voorbeelden

rubberen materialen en voorwerpen


rubber boots

— rubberen laarzen

rubber gloves

— rubberen handschoenen

rubber hose

— rubberen slang

rubber sole

— rubberen zool

rubber gasket

— rubberen pakking

rubber mat

— rubberen mat

rubber ball

— rubberen bal

rubber band

— elastiekje; rubberen band

rubber cement

— rubberlijm

rubber tree

— rubberboom

gum; vlakgom


rubber

— gum

rubber eraser

— gummetje

pencil rubber

— potloodgum

condoom


rubber

— condoom

use a rubber

— een condoom gebruiken

put on a rubber

— een condoom omdoen

stempel; formele goedkeuring


rubber stamp

— iets formaliter goedkeuren

rubber stamp something

— formaliter goedkeuren; stempelen

beslissende wedstrijd; beslissingswedstrijd


rubber match

— eerste wedstrijd van de serie

first rubber

— beslissende wedstrijd

deciding rubber

— rubberen bekleding; rubbercoating

rubbercoating


rubber-coated

— rubbercoating

rubberized fabric

— rubbercoating

rubber lining

— rubberen voering