Vertaling van sail van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
sail
Transcriptie: [seɪl]
Woordenboekartikel
noun
- zeil n (canvas)
- zeiltocht
- doek
- zeilschip
- vleugel
- molenwiek
verb
- varen (cruise)
- zeilen (sailing)
- gezeild
- uitvaren
- uitzeilen
- stevenen
- besturen
- verzeilen
- zwerven
adjective
- zeil-
Voorbeelden
varen onder zeil
set sail
— uitvaren; in zee stekensail away
— wegvaren; wegzeilensail off
— wegvaren; onder zeil vertrekkensail across the ocean
— de oceaan oversteken onder zeilsail into the harbor
— de haven binnenzeilen; de haven binnenlopen onder zeilunder sail
— onder zeilvoorwerpen bij zeil of schip
sailboat
— zeilboot; zeiljachtsailing ship
— zeilschip; zeilvaartuigmainsail
— grootzeil; hoofzeiljib
— fok; voorzeilspinnaker
— spinnaker; bolzeilhet zeil bedienen
hoist the sail
— het zeil hijsenlower the sail
— het zeil strijkentrim the sails
— de zeilen bijstellenreef the sails
— de zeilen revenadjust the sail
— het zeil bijstellenidiomatische uitdrukkingen
plain sailing
— een fluitje van een cent; makkiesail through
— er vlot doorheen komen; moeiteloos volbrengensail close to the wind
— op het randje opereren; riskant te werk gaanwith the wind in one's sails
— de wind in de zeilen hebben; voorspoed kennencatch the wind in one's sails
— impuls krijgen; voordeel behalensail by
— passeren; (van tijd) voorbijvliegen