Vertaling van sight van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

sight

': zicht, gezicht, aanblik, bezienswaardigheid, schouwspel
Transcriptie: [saɪt]

Woordenboekartikel

noun

  1. bezienswaardigheid f (landmark)
  2. zicht n (eye)
  3. gezicht n (face)
  4. aanblik m
  5. schouwspel n (spectacles)
  6. oog n (eye)
  7. uitzicht n (view, vision)
  8. zien (look, face)
  9. aanschouwen
  10. standpunt n (opinion)

verb

  1. gezien (face)
  2. richten
  3. mikken
  4. te zien krijgen
  5. in het gezicht krijgen
  6. stellen

Voorbeelden

vermogen om te zien


good sight

— goed zicht

poor sight

— slecht zicht

partial sight

— gedeeltelijk zicht

loss of sight

— verlies van gezichtsvermogen

restore sight

— het gezichtsvermogen herstellen

give someone sight

— iemand het gezichtsvermogen teruggeven

gezichtsveld


line of sight

— zichtlijn

within sight

— binnen gezichtsveld

out of sight

— buiten het gezichtsveld

come into sight

— in zicht komen

lose sight of

— uit het oog verliezen

keep in sight

— in het oog houden

schouwspel


a sight to behold

— een lust voor het oog

a pitiful sight

— een meelijwekkend schouwspel

a common sight

— een alledaags gezicht

a familiar sight

— een vertrouwd gezicht

a pleasant sight

— een aangename aanblik

a sight for sore eyes

— een lust voor het oog

idiomatische uitdrukkingen


at first sight

— op het eerste gezicht

sight unseen

— ongezien

out of sight, out of mind

— uit het oog, uit het hart

lose sight of the fact

— uit het oog verliezen dat

richten


take sight of

— een doelwit in het vizier nemen

sight a target

— een doelwit richten

adjust the sights

— het vizier bijstellen

sighting device

— richtapparaat