Vertaling van single van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

single

': single, enkel, alleenstaand, enig, afzonderlijk
Transcriptie: [sɪŋgl]

Woordenboekartikel

adjective

  1. enkel (only)
  2. afzonderlijk (separate, distinct, unique)
  3. eenpersoonskamer f (single room)
  4. individueel
  5. uniek
  6. gescheiden
  7. enkelvoudig
  8. eenmalig (disposable)
  9. vrijstaand (separate)
  10. eendelige

noun

  1. single
  2. alleenstaand (lone)
  3. enkele reis
  4. enkelspel

verb

  1. dunnen

Voorbeelden

getal, eenheid


single

— één; enig

single unit

— één eenheid; afzonderlijke eenheid

single item

— één voorwerp; afzonderlijk item

single digit

— ééncijferig getal; één cijfer

relaties, burgerlijke staat


single person

— ongehuwd persoon; vrijgezel; ongehuwde

single mother

— alleenstaande moeder; ongetrouwde moeder

single parent

— alleenstaande ouder; alleenstaande vader/moeder

single status

— ongehuwde status; burgerlijke staat: ongehuwd

accommodatie of kaartjes


single room

— eenpersoonskamer; kamer voor één persoon

single bed

— eenpersoonsbed; bed voor één persoon

single occupancy

— eenpersoonsbezetting; voor één persoon

single ticket

— enkele reis; ticket enkele reis

uitkiezen; selecteren uit een groep


single out

— alleen uitgevoerd; met eigen krachten

single-handed

— alleen; op eigen kracht

single-handedly

— single (muziek); afzonderlijke muziekrelease

lead single; eerste release van een album


single (music)

— single sign-on; eenmalige aanmelding

lead single

— single-threaded; in één thread uitgevoerd

single point of failure; enige faalpunt


single sign-on

— honkbal: honkslag; hit naar het eerste honk

single-threaded

— knock-outsysteem; play-offs met uitschakeling na één nederlaag

single point of failure

— enige faalpunt; kwetsbare plek in het systeem

sport of wedstrijden


single (baseball)

— honkslag voor één honk; op het eerste honk komen

single elimination

— eliminatiewedstrijd met één verlies; knock-outsysteem met één nederlaag