Vertaling van skip van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

skip

': overspringen, overslaan, springen, verspringen, huppelen
Transcriptie: [skɪp]

Woordenboekartikel

verb

  1. overslaan (omit)
  2. springen (switch)
  3. overgeslagen (bypass)
  4. skip m
  5. sla
  6. slaan
  7. slaat
  8. ga (proceed)
  9. spring m
  10. verdergaan (proceed)

noun

  1. wip f
  2. sprong m
  3. gaat (proceed)
  4. negeren (ignore)
  5. kanaalskip m
  6. bak
  7. aanvoerder
  8. hiaat
  9. kooi

Voorbeelden

skip over the puddles

— over de plassen springen

skip a chapter in the book

— een hoofdstuk in het boek overslaan

skip a stone across the lake

— een steen over het meer laten ketsen

skip school to go on a trip

— spijbelen voor een uitstapje

skip breakfast and have lunch early

— het ontbijt overslaan en vroeg lunchen