Vertaling van spank van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

spank

': klap, afranselen
Transcriptie: [spæŋk]

Woordenboekartikel

verb

  1. Spank m
  2. afranselen

noun

  1. klap

Voorbeelden

lichamelijke straf, lijfstraf


spank

— een klap geven, afranselen

spank someone

— iemand een klap geven, iemand afranselen

give someone a spank

— iemand een klap geven, iemand afranselen

spank the child

— het kind een klap geven, het kind afranselen

get a spanking

— een klap krijgen, afgeranseld worden

spank on the bottom

— een klap op de billen geven, op de achterwerk slaan

speelse, liefdevolle klap


playful spank

— speelse klap, liefdevolle klap

light spank

— lichte klap, zwakke klap

playful spank on the butt

— speelse klap op de billen, speelse klap op de achterwerk

spank for fun

— voor de grap een klap geven, spelenderwijs slaan

seksuele, informele context


spanking

— billenkoek als seksueel spel, seksuele billenkoek

spank me

— sla me (in seksuele context)

bare-bottom spanking

— billenkoek op de blote billen, slaan op de naakte billen

spank someone during sex

— iemand slaan tijdens de seks, slaan in seksuele context

spank the monkey

— masturberen, zichzelf aftrekken

idiomen, overdrachtelijke betekenissen


spanking new

— gloednieuw, splinternieuw

give someone a spanking (in sport or competition)

— iemand een pak slaag geven (in sport of competitie), iemand vernietigend verslaan

take a spanking

— een nederlaag lijden, een verpletterende nederlaag incasseren

a spanking performance

— een indrukwekkende prestatie, een indrukwekkend optreden

zelfstandige naamwoorden, bijvoeglijke naamwoorden en vormen


a spank

— een klap, een afranseling

spanking (adj)

— gloednieuw, splinternieuw (versterkt in 'spanking new')

spanking session

— sessie van billenkoek, billenkoeksessie