Vertaling van sparkle van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

sparkle

': fonkeling, schitteren, fonkelen, glinsteren, pareling
Transcriptie: [spɑːkl]

Woordenboekartikel

noun

  1. schitteren (shine)
  2. glitter m (shine)
  3. fonkeling
  4. pareling
  5. glinstering
  6. vonk
  7. flikkering
  8. gefonkel
  9. sprank
  10. geestigheid

verb

  1. fonkelen
  2. glinsteren
  3. twinkelen
  4. tintelen
  5. parelen
  6. schuimen
  7. mousseren
  8. vonken schieten

Voorbeelden

licht en glinsteringen


sparkle

— fonkeling, schittering

a sparkle of light

— een lichtflikkering, een sprankje licht

sparkle on the water

— glans op het water, schittering op het wateroppervlak

the sun's sparkle

— de zonnegloed, het zonneschitteren

sparkle like a star

— fonkelen als een ster, glinsteren als een ster

sieraden en edelstenen


diamond sparkle

— de fonkeling van een diamant, het schitteren van een briljant

sparkle of a diamond

— de schittering van een diamant, het fonkelen van een edelsteen

ring's sparkle

— de glans van een ring, het fonkelen aan de ring

sparkle in her necklace

— de glans in haar ketting, het fonkelen in haar hanger

emoties en karakter


sparkle in his eyes

— een vonkje in zijn ogen, een glinstering in zijn ogen

a sparkle of mischief

— een vleugje ondeugendheid, een sprankje kattekwaad

sparkle with joy

— stralen van vreugde, tintelen van blijdschap

a sparkle of intelligence

— een vleugje intelligentie, een flits van verstand

he has a natural sparkle

— hij heeft een natuurlijke uitstraling, hij heeft een natuurlijke charme

geschrift, toespraak, algemene kwaliteit


sparkle of wit

— geestigheid, sprankelende humor

add some sparkle to the performance

— wat glans aan de voorstelling toevoegen, de voorstelling wat levendiger maken

the book lacks sparkle

— het boek mist glans, het boek mist levendigheid

give the speech some sparkle

— de toespraak wat levendigheid geven, de toespraak opfleuren