Vertaling van spouse van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

spouse

': echtgenoot, echtgenote, wederhelft, gade, eega
Transcriptie: [spaʊz]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. echtgenoot m (wife)
  2. echtgenote f (wife)
  3. partner m (partner)
  4. echtgeno m
  5. huwelijkspartner m
  6. bruid f (bride)
  7. bruidegom m
  8. wederhelft
  9. gade
  10. eega