Vertaling van steal van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

steal

': stelen, diefstal, sluipen, zwendel, dieverij
Transcriptie: [stiːl]

Woordenboekartikel

verb (stole, stolen)

  1. stelen (rob)
  2. roven
  3. beroven (rob)
  4. sluipen

noun

  1. diefstal m (robbery)
  2. koopje n
  3. kapen (hijack)
  4. zwendel
  5. dieverij
  6. gestolene

Voorbeelden

Fysieke diefstal of toe-eigening


steal from

— stelen van; zich toe-eigenen van

steal a car

— een auto stelen

steal money

— geld stelen

steal goods

— goederen stelen

steal someone's wallet

— iemands portemonnee stelen

Heimelijke of snelle actie, onopvallende beweging


steal a glance

— een steelse blik werpen

steal a kiss

— een kus stelen

steal away

— wegsluipen

steal into

— binnensluipen in

steal off

— ervandoor gaan

Emoties of relaties


steal someone's heart

— iemands hart veroveren

steal someone's affection

— iemands genegenheid winnen

steal a moment

— een moment grijpen

Aandacht, succes of reputatie, figuurlijke zin


steal the show

— de show stelen

steal the spotlight

— de aandacht opeisen

steal someone's thunder

— iemands glorie stelen

steal the scene

— de scène stelen

Voordeel of voorsprong


steal a march on someone

— iemand een stap voor zijn

steal the lead

— de leiding overnemen

Sport en spellen


steal a base

— een honk stelen

steal the ball

— de bal afpakken

steal possession

— balbezit veroveren

Toe-eigening van ideeën of eer, oplichting


steal someone's idea

— iemands idee stelen

steal credit

— eer stelen