Vertaling van stick van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
stick
Transcriptie: [stɪk]
Woordenboekartikel
noun
- stok m (baton)
- stick m (thumb drive)
- wandelstok m (cane)
- staf m (rod)
- stokje
- pijp
verb (stuck, stuck)
- plakken (paste)
- steken (poke)
- blijven
- kleven (paste)
- hangen (hang)
- vast
- vasthouden (cling, adhere)
- houden
- vastzitten
- vastlopen (hang)
Voorbeelden
voorwerp, stok
a stick
— een stokwalking stick
— wandelstokdrumstick
— drumstok; kippenpootglue stick
— lijmstifthockey stick
— hockeystickjoystick
— joystickstick figure
— stokfiguurstick shift
— handgeschakelde versnellingsbakplakken, kleven of hechten
stick
— plakken, klevenstick to
— plakken aan, vasthouden aanstick on
— opplakkenstick together
— aan elkaar plakken, samenklevenzich houden aan, trouw blijven of steunen
stick to
— zich houden aan, niet afwijkenstick with
— blijven gebruiken, trouw blijven, niet opgevenstick by
— steunen, bijstaan, niet in de steek latenuitsteken, opvallen of overval
stick out
— uitsteken, opvallenstick up
— overvallen, omhoogstekenstick up for
— opkomen voor, verdedigenidiomen, blijven plakken of uithouden
stick around
— in de buurt blijven, even wachtenstick together
— bij elkaar blijven, elkaar steunenstick it out
— uithouden, volhouden tot het eindestick one's neck out
— zijn nek uitstekena stick in the mud
— een spelbreker, een behoudend persoon