Vertaling van swim van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

swim

': zwemmen, drijven, duizelen, overzwemmen, doen zwemmen
Transcriptie: [swɪm]

Woordenboekartikel

verb (swam, swum)

  1. zwemmen (bathe)
  2. drijven (float)
  3. zwem m (bathe)
  4. zwommen
  5. zwemmend
  6. duizelen
  7. overzwemmen
  8. doen zwemmen

noun

  1. duik m (bathe)
  2. visrijke plaats

Voorbeelden

fysieke actie, eenvoudige combinaties


swim

— zwemmen

go for a swim

— gaan zwemmen

take a swim

— een zwempartij doen

swim across

— overzwemmen

swim ashore

— naar de oever zwemmen

swim back

— terugzwemmen

swim laps

— baantjes zwemmen

swim freestyle

— crawl zwemmen

swim like a fish

— zwemmen als een vis

phrasal verbs, beweging of richting


swim away

— wegzwemmen

swim off

— wegzwemmen

swim out

— naar buiten zwemmen

swim along

— langs zwemmen

swim upstream

— tegen de stroom in zwemmen

swim with the current

— met de stroom meezwemmen

swim against the current

— tegen de stroom in zwemmen

idioom, figuurlijke betekenissen


swim in money

— in het geld zwemmen

swim in confusion

— in verwarring verkeren; verdrinken in verwarring

swim in circles

— in kringetjes rondzwemmen; doelloos bezig zijn

swim with the fishes

— met de vissen zwemmen; vermoord worden

sport, training en evenementen


learn to swim

— leren zwemmen

swimming lessons

— zwemlessen; zwemtrainingen

competitive swimming

— wedstrijdzwemmen

swim meet

— zwemwedstrijd; zwemkampioenschap

swim team

— zwemteam

open-water swim

— openwaterzwemmen

long-distance swim

— langeafstandszwemmen