Vertaling van tax van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

tax

': belasting, belasten, schatting, berekenen, rijksbelasting
Transcriptie: [tæks]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. fiscaal (taxation)
  2. tax m
  3. BTW n (VAT)
  4. Belastingdienst m (tax authority)
  5. heffing f (duty)
  6. geheven (fee)
  7. belasting
  8. schatting
  9. rijksbelasting
  10. proef

verb

  1. belasten (charge)
  2. berekenen
  3. vaststellen
  4. taxeren
  5. beschuldigen
  6. aanslaan
  7. veel vergen van
  8. op de proef stellen
  9. beslag leggen op