Vertaling van telephone van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

telephone

': telefoon, telefoneren, opbellen
Transcriptie: [ˈtelɪfəʊn]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. telefoon m (phone, handset, call)
  2. telefoneren n
  3. telefonie f
  4. telefoontoestel n
  5. telefonisch (phone)
  6. bellen (phone)
  7. telefoongesprek n (phone)
  8. telefoontje n (phone)
  9. gebeld (phone)

verb

  1. opbellen