Vertaling van tell van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

tell

': vertellen, zeggen, verhalen, tellen, herkennen
Transcriptie: [tel]

Woordenboekartikel

verb (told, told)

  1. vertellen (say)
  2. zeggen
  3. opgeven (give)
  4. verteld (recount)
  5. zei
  6. geven (show)
  7. aangeven (suggest)
  8. informeren (brief)
  9. vermelden (note)
  10. aanraden (suggest)

Voorbeelden

tell the truth

— de waarheid vertellen

tell a story

— een verhaal vertellen

tell the difference

— het verschil zien

tell a lie

— een leugen vertellen

tell the time

— de tijd zeggen

tell secrets

— geheimen vertellen

tell someone off

— iemand de les lezen

tell fortunes

— waarzeggen

the age had begun to tell on him

— de leeftijd begon zijn tol te eisen

I tell you

— ik verzeker je