Vertaling van tickle van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

tickle

': kietelen, prikkelen, kriebelen, jeuken, amuseren
Transcriptie: [tɪkl]

Woordenboekartikel

noun

  1. kietelen n
  2. kriebel m
  3. kieteling

verb

  1. prikkelen
  2. kriebelen
  3. jeuken
  4. amuseren
  5. aangenaam aandoen