Vertaling van touch van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

touch

': contact, aanraken, aanraking, beroeren, toets
Transcriptie: [tʌʧ]

Woordenboekartikel

noun

  1. aanraking f
  2. contact n (contact)
  3. touch m (contact, touch screen)
  4. vleugje (dash)
  5. aanvoelen (feel)
  6. toets
  7. tast
  8. aanslag
  9. gevoel
  10. tastzin

verb

  1. aanraken (tap)
  2. raak (tap)
  3. raken (strike)
  4. aangeraakt
  5. ingaan (discuss)
  6. beroeren
  7. aanroeren
  8. treffen
  9. toetsen
  10. evenaren

Voorbeelden

fysiek contact


touch the surface

— het oppervlak aanraken

touch someone's hand

— iemands hand aanraken

gentle touch

— zachte aanraking

firm touch

— stevige aanraking; zelfverzekerde aanraking

light touch

— lichte aanraking

emotionele impact of reactie


touch someone's heart

— iemands hart raken; ontroeren

touch someone deeply

— diep raken; sterk ontroeren

have a personal touch

— een persoonlijke benadering hebben; zich onderscheiden door een individuele aanpak

communicatie, verbinding of contact


keep in touch

— contact houden; in verbinding blijven

get in touch

— contact opnemen; in verbinding treden

touch base

— contact opnemen; kort overleggen

lose touch with

— het contact verliezen met; de band verliezen met

technologie, aanraakgevoelige apparaten


touch screen

— touchscreen; aanraakscherm

touchpad

— touchpad; aanraakgevoelig paneel

touch-sensitive display

— aanraakgevoelig display; display met aanraakgevoeligheid

kleine hoeveelheid, toevoeging of tint


a touch of salt

— een snufje zout; een beetje zout

a touch of humor

— een vleugje humor; een lichte noot humor

add a touch of color

— een beetje kleur toevoegen; een tint kleur toevoegen

idiomen en vaste uitdrukkingen


touch and go

— risant; onzeker; aan een zijden draadje

touch wood

— op hout kloppen (om geluk af te dwingen)

personal touch

— persoonlijk tintje; individuele benadering

touch on

— aansnijden; terloops vermelden

handeling bij indrukken of interactie


touch a button

— een knop indrukken; een knop aanraken

touch the screen

— het scherm aanraken; op het scherm tikken

tap and touch

— tikken en aanraken; drukken en aanraken

verplaatsing, sportieve en luchtvaartbetekenissen


touch down

— landen; een landing maken

touch line

— zijlijn; touchline