Vertaling van tram van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

tram

': tram-, tram, trammen, tramwagen, spoorrail
Transcriptie: [træm]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. tram m (tramway, tram stop)
  2. tramhalte f
  3. tramlijn f
  4. tramwagen
  5. spoorrail
  6. inslag

adjective

  1. tram-

verb

  1. trammen
  2. per tram reizen
  3. per tram vervoeren