Vertaling van transact van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

transact

': verhandelen, afdoen
Transcriptie: [trænˈzækt]

Woordenboekartikel

verb

  1. Transact m
  2. verhandelen
  3. afdoen

Voorbeelden

zaken doen


transact business

— zaken doen

transact with clients

— zaken doen met klanten

transact through an agent

— zaken doen via een tussenpersoon

transacties aangaan


transact a deal

— een deal sluiten

transact a sale

— een verkoop afhandelen

transact at the counter

— een transactie aan de balie verrichten

operaties uitvoeren


transact online

— online transacties uitvoeren

transact electronically

— elektronisch transacties uitvoeren

transact by phone

— transacties per telefoon uitvoeren

via de bank uitvoeren


transact via bank transfer

— via een bankoverschrijving uitvoeren

transact in cash

— in contanten afrekenen

transact in foreign currency

— transacties in vreemde valuta uitvoeren