Vertaling van trip van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
trip
Transcriptie: [trɪp]
Woordenboekartikel
noun
- reis f (tour)
- tocht m
- uitstapje n (tour)
- trip f
- dagtocht m (tour)
- zakenreis f (travel)
- excursie f (tour)
- rit m (journey)
- bezoek n (tour)
- reizen (journey)
verb
- struikelen (tripping)
- trippelen
- huppelen
- fout begaan
Voorbeelden
business trip
— zakenreisroad trip
— autorit, roadtripweekend trip
— weekenduitstapjeround trip
— retourreis, heen- en terugreisfamily trip
— familievakantieday trip
— dagtochtoverseas trip
— buitenlandse reisschool trip
— schoolreisjeadventure trip
— avontuurlijke reis