Vertaling van trusting van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
trusting
Transcriptie: [ˈtrʌstɪŋ]
Woordenboekartikel
adjective
- vertrouwen n (trusted, trustful)
- vertrouwensrelatie f
- vertrouwd (trusted)
noun
- vertrouwend (trustful)
verb
- geloven
- hopen
- toevertrouwen
- krediet geven
- borgen
Voorbeelden
over een persoon
a trusting child
— een vertrouwend kinda trusting nature
— een vertrouwende aarda trusting soul
— een goeiige zieltrusting eyes
— vertrouwende ogente goed van vertrouwen
too trusting
— te goedgelovigoverly trusting
— overdreven goedgelovignaively trusting
— naïef goedgeloviga trusting victim
— een goedgelovig slachtoffervertrouwensvolle houding
trusting smile
— een vertrouwelijke glimlachtrusting look
— een vertrouwelijke bliktrusting tone
— een vertrouwelijke toontrusting manner
— een vertrouwelijke maniervertrouwen in mensen
trusting of strangers
— goedgelovig tegenover vreemdentrusting of others
— goedgelovig tegenover anderentrusting toward people
— goedgelovig naar mensen toetrusting in others
— vertrouwen hebben in anderen