Vertaling van use van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

use

': gebruik, gebruiken, toepassing, gebruik maken van, benutten
Transcriptie: [ˈjuːs]

Woordenboekartikel

noun

  1. gebruik n (usage, exploit)
  2. toepassing f (usage)
  3. benutten (exploit)
  4. benutting f
  5. gebruikt (usage)
  6. gebruikmaken (exploit)
  7. gebruikmakend (making use)
  8. toegepast (apply)
  9. gewend
  10. benut (exploit)

verb

  1. gebruiken (usage)
  2. aanwenden (utilize)
  3. maken (utilize)
  4. hanteren (apply)
  5. verbruiken (consumption)
  6. toepassen (implement)
  7. gebruik maken van
  8. behandelen

Voorbeelden

gebruiken en toepassen


use a tool

— een werktuig gebruiken

use a method

— een methode toepassen

use the software

— de software gebruiken

use force

— geweld gebruiken

verbruiken en opmaken


use sugar

— suiker gebruiken

use fuel

— brandstof verbruiken

use water

— water gebruiken

use up supplies

— voorraden opmaken

nut en bestemming


of no use

— van geen nut

put to use

— in gebruik nemen

for everyday use

— voor dagelijks gebruik

find a use for

— een toepassing vinden voor

zich wenden tot iets


use a dictionary

— een woordenboek raadplegen

use a reference book

— een naslagwerk gebruiken

use the internet

— het internet gebruiken

use a source

— een bron aanhalen