Vertaling van visiting van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

visiting

': bezoeking
Transcriptie: [ˈvɪzɪtɪŋ]   US     UK 

Woordenboekartikel

adjective

  1. bezoek n (visit)
  2. bezoeken (visit)
  3. bezoeker m (visitor)
  4. bezocht (visit)
  5. bezoeking