Vertaling van winter van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
winter
Transcriptie: [ˈwɪntə] US
UK
Woordenboekartikel
noun
- winter m (midwinter, wintertime, winter day)
- winterseizoen n
- winterperiode f
- winterdag m
- wintersportvakantie f
- winterse
adjective
- winters
verb
- overwinteren
- de winter doorbrengen
- de winter overhouden
- doen bevriezen