Vertaling van workforce van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
workforce
Woordenboekartikel
noun
- personeel n (staff)
- werknemer m (employee)
- arbeidskracht f
- beroepsbevolking f (work force)
- werkende
- arbeid m (effort)
- HR m
- arbeidspotentieel
- werkende bevolking
Voorbeelden
omvang of samenstelling van de beroepsbevolking
workforce size
— omvang van de beroepsbevolkingfemale workforce
— vrouwelijke beroepsbevolkingyoung workforce
— jonge beroepsbevolkingpart-time workforce
— deeltijdse beroepsbevolkingvaardigheden of kwalificaties
skilled workforce
— geschoolde beroepsbevolkingunskilled workforce
— ongeschoolde beroepsbevolkinghighly skilled workforce
— hooggeschoolde beroepsbevolkingtechnical workforce
— technisch personeelbeheer of planning
workforce planning
— planning van de personeelsbehoefteworkforce management
— personeelsbeheerworkforce deployment
— inzet van personeelworkforce retention
— behoud van personeelontwikkeling van personeel
workforce development
— personeelsontwikkelingworkforce training
— personeelsopleidingworkforce upskilling
— bijscholing van personeeltekort of overschot
workforce shortage
— personeelstekortworkforce surplus
— personeelsoverschotskill gap in the workforce
— kloof in vaardighedenleeftijd of demografie
aging workforce
— vergrijzende beroepsbevolkingdiverse workforce
— diverse beroepsbevolkingmultigenerational workforce
— multigenerationele beroepsbevolkingwerkplek of werkvorm
remote workforce
— thuiswerkersonsite workforce
— personeel op locatiemobile workforce
— mobiele werknemerssector of bedrijfstak
global workforce
— wereldwijde beroepsbevolkinghealthcare workforce
— zorgpersoneelmanufacturing workforce
— productiepersoneelindicatoren of dynamiek
workforce participation
— arbeidsdeelnameworkforce turnover
— personeelsverloopworkforce growth
— groei van de beroepsbevolking