Vertaling van working van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
working
Transcriptie: [ˈwɜːkɪŋ]
Woordenboekartikel
noun
- werkend (worker)
- werkzaam (operating)
- werking f (operating)
- werken (work)
- werkten
- werk n (work)
- arbeid m
- werkdag m (working day)
- Working m
- werkzaamheden f (work)
participle
- werkt
adjective
- werk-
- bruikbaar
- praktisch
- bedrijfs-
Voorbeelden
beroep of rol
working mother
— werkende moederworking father
— werkende vaderworking class
— arbeidersklasseworking professional
— werkende professional; praktiserend specialistworking student
— werkende studenttoestand of kenmerk
working condition
— werkende staat; gebruiksgereedworking order
— in werkende orde; in goede staatworking relationship
— werkrelatie; zakelijke relatieworking knowledge
— praktische kennis; basiskennisworking atmosphere
— werksfeer; sfeer op het werkschema, tijd of plaats van werk
working day
— werkdagworking hours
— werkuren; openingstijdenworking week
— werkweekworking from home
— thuiswerkenworking shift
— werkploeg; diensttechnische, apparaten of prototypes
working model
— werkend model; functionerend modelworking prototype
— werkend prototype; functionerend prototypeworking mechanism
— werkmechanismeworking system
— werkend systeem; functionerend systeemorganisatie, documenten of financiën
working group
— werkgroepworking paper
— werkdocument; concept; interne notitieworking capital
— werkkapitaalworking title
— werktitel; voorlopige titelwerkwoordelijke uitdrukkingen of acties
working on
— werken aanworking through
— doorwerken; doornemen; overwinnenworking out
— uitwerken; sporten; lukkenworking together
— samenwerkenworking around
— omzeilen; een omweg vinden